06-1807_Henricus_KeerenXHendrikxs

  Generatie: 6

 

 Hendrik/Henricus KEEREN. Geb. 24/27-juli-1807 Helden. . Ovl.03-maart-1890 Mierlo Hout (NBr). Beroep: zadelmaker, haammaker.   Ouders
Huwt 25-augustus-1832 te Deurne met Geertruida HENDRIKS.Geb.13-juli-1806 te Deurne. Ovl. 20-maart-1855 Deurne.
Dochter van Balthazar Ber. Koopman Geb 11 augustus 1762 te ?? Ovl.16-januari-1817 te Deurne en Hendrina PUBBEN Geb.2 mei 1780 te Helden  Ovl. 2 januari 1862 te Deurne.  Hendrina PUBBEN was koopvrouw. Zij trouwde voor de tweede keer met Mattijs GOOSSENS die smid was in Deurne. Bron: Cor Keeren Deurne. Zie hieronder bij Bijzonderheden onder 2011-09-03 (3x).
Kinderen uit dit huwelijk
1 Johannis 18-januari-1834 Deurne. Ovl 20-juli-1835 Deurne
2 Bartholomea 17-mei-1835 Deurne. Zij staat ook vermeld als Bartholomina, Bartholina en als Poulina . In verschillende documenten staat haar geboortedatum vermeld als 17 mei 1833 wat onmogelijk is gezien de geboorte van Johannis op 18 januari 1834.Ook zouden er dan 2 meisjes met dezelfde namen in 1 gezin zijn geweest. Zij bleef ongehuwd, werkte als huishoudster in Helmond, Eindhoven en Oisterwijk. In het bevolkingsregister van Eindhoven staat zij vermeld als “Dienstbode” wonende Stratumseind 281 te Eindhoven, komende van Helmond op 13 april 1860 en vertrekkende naar Oisterwijk op 12 februari 1861. Zij staat ook geregistreerd in Nistelrode in het bevolkingsregister (BHIC) van ??? met als geboortedatum 17 mei 1833. Ovl 27-april-1914 Helmond
3 Maria ook wel Annemaria 28-augustus-1836 Deurne. Overleden in Roermond terwijl als woonplaats Helmond staat vermeld. Ook vermeld in Genlias Toegangnr:036.03.06 Inventarisnr: 107 als overlijdensplaats Helmond. Zij huwt op 17-mei-1877 Helmond met Cornelis Jacobus BROUWERS, geb. Delft 12-september-1847,  ovl. 15-november-1920 Helmond, beroep: spoorwachter (1877), concierge (1888), zoon van Petrus Jacobus (ovl.voor 1877)  en Geertruida JORISSEN ook vermeldt als Geertruda JANSSEN (ovl voor 1888) woonplaats Mierlo (1877). Hij rouwde niet lang want op 01-mei-1888 hertrouwde hij in Helmond met Johanna Hubertine SNIJDERS, geb. 1849 Asten, beroep: dienstmeid (1888), dochter van Antonie Josephus (ovl 1888) en Catharina LOOMANS (ovl 1888). Ovl 13-augustus-1887 Roermond
4 Johannes 10-november-1837 Deurne. Huwelijk
5 Petronella 28-februari-1839 Deurne. Zij was eerst gehuwd met  Wilhelmus KOOPMANS geb. 23-januari-1819 Someren ovl. 24-februari-1864 Asten, zoon van Willem en Petronella de LEEUW. Uit dit huwelijk:  1. Johannes geb. 20-januari-1850 Someren ovl. 11-oktober-1930 Helmond, huwt 11 april 1877, Helmond met Francisca van den EERENBEEMT geb. 14 juni 1850, Asten.   2. Wilhelmina Geb ?? 1843 te ?? Ovl. 9 december 1874 te Blerick. Huwt ?? te ?? met Hendrik PEETERS.Geb?? Ovl??  Petronella huwt voor de tweede keer op 26-november-1884 Helmond met Mathias Michael SANDERS geb. 24-februari-1855 of 1845 vlgs Genlias Tgnsnr: 121.079 Invntnr: 3563, Helmond, beroep: fabrieksarbeider (1884), zoon van Joseph, beroep; wever (1884)  wonende Helmond (1884)en van Maria Catharina GEERIS (ovl. voor 1884)Overledene Petronella Keeren Relatie overledene Mathias Michaël Sanders Vader overledene Hendrik Keeren  Moeder overledene Geertruida Hendrikx Soort registratie overlijdensakte Aktenummer 45 Plaats Goirle Datum overlijden 02-11-1889 Periode 1889 Deel Overlijdensregister 1889 Toegangsnr. 50 Inv.nr. 3162 Ovl 02-november-1889 Goirle
6 Henricus 28-februari-1841 Deurne.. Huwelijk
7 Lodewijk 25-september-1843 Deurne. Ovl. 22-juli-1845 Deurne
8 Theodorus 07-april-1845 Deurne. Woonde bij overlijden in Maasbree. Beroep: zadelmaker (1870) Ovl. 19-februari-1870 Deurne
9 Hen(d)rica 11-februari-1849 Deurne. Ovl. 08-november-1850 Deurne
Biezonderheden:  Op zijn bidprentje staat abusievelijk vermeld dat hij in Deurne is geboren.Bij de volkstelling van 1839 woonde het gezin op Kerkeind 142, Deurne. Er woonde 1 gezin in het huis maar 8 personen. Behalve Hendrik, Geertruida en de kinderen 2-5 woonde er ook Geertruida Peelen, “Meid”,oud 22 jaren, geb. Venray en Matthijs van Bommel, “Kostganger” oud 76 jaren, geb. Deurne.Hendrik was geboren als Henri Keiren (5C-8) maar toen hij naar Deurne verhuisde is de brabantse uitspraak gaan overheersen. Overigens was Hendrik geen gemakkelijk heerschap volgens de rechtbank protocollen van die tijd:

Rechtzaken tegen Hendrik 

Behalve de teksten gedateerd 2012-08-01 zijn alle onderstaande gegevens EN DE OPMERKINGEN verstrekt op 24 augustus 2003 door Cor Keeren uit Deurne (10-12).

06-februari-1830** rol 102 Aanklacht:     De acht gedaagden hebben op oudejaarsnacht jl. te Deurne in de herberg van Hendrik Keeren samen ruzie gemaakt. Hierbij is Gerrit Goossens met een stuk hout geslagen. De eis is een gevangenisstraf van een maand en acht gulden boete. Uitspraak:    Peter Vlemmings wordt schuldig geacht en de anderen worden, door onvoldoende bewijs vrij gesproken. Opmerking: Keeren een herberg? Dat lijkt me stug. Zo af en toe komen ze er wel maar met mate!! 06-mei-1841**rol 192 Hendrik Keeren, 30 jaar, zadelmaker, geboren te Helden 24-juli-1807 en wonende te Deurne. Aanklacht:    Hij heeft op 19 april 1841 Gerard van de Mortel verwond. Hendrik Keeren en Gerard van de Mortel waren op de bewuste dag naar de markt van Gemert getogen om daar samen beugelballen te kopen. Daarover kregen ze echter woorden en later toen ze huiswaarts keerden en Hendrik Keeren in beschonken toestand verkeerde, ging de ruzie verder. Tussen het gehucht Kouwenhoek en Bruggen kreeg Gerard van de Mortel een slag op het hoofd, zo hij meende met een stok, maar door de duisternis heeft hij het niet goed gezien. Daarop is hij op de grond gevallen en beklaagde Keeren heeft op hem gelegen. Peter de Veth, die daarbij was, getuigde dat hij de twee op de markt in Gemert al had horen schelden naar elkaar. Ook zegt Peter de Veth voor de rechtbank dat hij gezien heeft dat van de Mortel na de slag op de grond lag en met bloed en modder was bevlekt en klaagde over pijn. Gerardus van de Mortel heef toen naar hem geroepen: “Piet de Veth, sta mij bij”. Ook is Piet Hendriks getuige en wordt onder ede gehoord. Uitspraak:    Acht dagen gevangenisstraf en fl 11,92 boete. Opmerking: Dat een Keeren in beschonken toestand zou verkeren, daar heb ik mijn twijfels over. De aanklacht had ook niet-ontvankelijk moeten worden verklaard want in 1841 was hij 34 jaar oud en niet 30. Onderzocht 2012-08-01 BHIC Arrondisementsrechtbank Eindhoven Inv Nr 5 rol Nr 20. Stamboom: Generatie 6: 1841-05-06. Rechtzaak. Hendrik KEEREN oud, volgens zijne opgave zes en dertig jaren, zadelmaker, geboren te Helden wonende te Deurne. Hij is aangeklaagd ” van het moedwillig toebrengen van slagen en verwondingen aan Gerardus van De MORTEL te Deurne op den negentiende April 1800 een en veertig. Het proces verbaal is opgemaakt door de “Burgemeester der gemeente Deurne en Liessel in dato 21 April 1841 alsmede van het visium repentum van den heelmeester Rothmeijer te Gemert in dato 28 derzelfde maand. Er zijn meerder getuigen die allemaal “den vereischten eed hebben afgelegd”. Hendrik heeft als advokaat Mr. H.A.R. Verheijen. De officier van justitie vraagt “de straf vastgelegd bij art: 311 van het Wetboek van Strafregt”. Wat was nou gebeurd? Volgens “de beëdigde verklaring van Gerardus van den Mortel bevondt deze zich den 19 April jl met den beklaagde op de Gemertsche markt en hebben zij daar over het koopen van beugelballen eenige woordenwisseling gekregen. Hij (Gerardus van den Mortel) is daarna in gezelschap van den beklaagde en nog eenige andere personen huiswaarts gekeerd en heeft opnieuw met den beklaagde woordenwisseling gekregen, zonder dat hij uithoofde van den staat van beschonkenheid waarin hij zich bevond kan zeggen wat het onderwerp van den twist uitmaakte. Tusschen het gehucht de Kouwenhoek en de brug in het Kerkeind gekomen zijnde en zich alleen met den beklaagde bevindende, daar de overigen een eindweegs vooruit waren, heeft hij een slag op het hoofd gekregen en wel zoo hij meent met een stok.Hij heeft weliswaar door de duisternis niet gezien dat de beklaagde hem geslagen heeft , doch hij weet dat er niemand anders in zijne onmiddelijke nabijheid was en dat hij ten gevolge van de hem toegebragten slag op den grond is gevallen en de beklaagde op hem gelegen heeft. Volgens de beëdigde verklaring van den getuige Peter de Veth heeft de beklaagde met Gerardus van de Mortel op de Gemertsche markt woordenwisselingen gehad en gedurende het naar huis gaan heeft hij gehoord dat beide personen elkander scheldwoorden toevoegden, zonder dat hij bepaaldelijk kan zeggen waaruit die bestonden. Op een gegeven moment heeft Gerardus van de Mortel geroepen:” Piet de Veth sta mij bij”. Hij is daarop teruggeloopen en heeft de genoemde personen op elkaar liggend gevonden met de beklaagde bovenop. Hij heeft Gerardus van de Mortel , die met bloed of slijk, hetgeen hij in de duisternis niet konde zien, bevlekt was en over pijn klaagde, afgeveegd. Daarna hebben zij hun weg vervolgd en de beklaagde heeft nog enige woorden aan Gerardus van de Mortel toevoegde , welke hij als dreigement beschouwde. Gerardus van de Mortel bij het licht gebragt, bleek aan het hoofd gewond te zijn en te bloeden. Hij heeft beklaagde dienzelfde avond na het voorval te Bakel een stok zien hebben dat met de verklaring van de tweede getuige overeenkomt. De tweede getuige was Pieter Hendriks die, ook onder ede, verklaarde dat hij:” een stok zag liggen toen beide eergenoemde personen op den grond lagen en op zijn vraag wien denzelve behoorde door den beklaagde aangenomen werd”. De rechter overweegt dat het bewezen is dat Hendrik met een stok Gerardus moedwillig “een slag op het hoofd heeft toegebragt, zonder dat zulks den geslagene eenige ziekte of ongemak veroorzaakt heeft, terwijl de beschonkenheid waar de beklaagde en van de Mortel zich bevonden en de scheldwoorden onderling toegevoegd” ook aanleiding hebben kunnen geven tot de ruzie. Hij ziet die dingen als verzachtende omstandigheden en komt tot de volgende uitspraak: Dat in naam en van wege de KONING verklaart de rechter den aangeklaagde Hendrik Keeren schuldig aan het moedwillig toebrengen van een slag en verwonding, welke aan vernoemd persoon geene ziekte of beletsel van te werken als bij art 309 van het Wetboek van Strafregt gemeld, veroorzaakt heeft, gepaard met verzachtende omstandigheden, veroordeelt denzelve tot eene gevangeniszetting voor den tijd van acht dagen en in de kosten van de procedure geliquideerd op elf gulden twee en negentig cents”.   Maar twee maanden later was het weer raak!! 01-juli-1841**rol 202 Hendrik Keeren, geboren te Helden 24-juli-1807, zadelmaker, wonende te Deurne. Aanklacht:    Wordt aangeklaagd omdat hij de ruiten heeft ingegooid bij het huis van Mathijs Goossens en wordt ook aangeklaagd voor het beledigen van ambtenaren in functie. Dit gebeurde op 25 mei 1841. Opmerking: Volgend mij was hij aan het honkballen. Van die ambtenaren in functie kan ik me overigens wel voorstellen. Twintig jaar is het stil maar dan…… 24-april-1861**rol 4415 Hendrik Keeren, zadelmaker, geboren 24-juli-1807 te Helden wonende te Deurne. Aanklacht:    Op 13 maart Josef Joosten met een mes moedwillig verwond, Josef, hoefsmid in Deurne, heeft drie messteken op zijn linkerhand gekregen. Uitspraak:    Twee maanden eenzame opsluiting en acht gulden boete. Onderzocht 2012-08-01 BHIC Arrondisementsrechtbank Eindhoven Inv Nr 36 rol Nr 56. Stamboom Generatie 6.1861-04-29. Rechtzaak. Hendrik KEEREN volgens zijne opgave oud 54 jaar, zadelmaker geboren te Helden (Limburg) wonende te Deurne. Hij is aangeklaagd ‘den 13 Maart 1861 de persoon van Jozef JOOSTEN (hoefsmid) door middel van een mes moedwillig aan de linker hand te hebben verwond te Deurne”. Hendrik had ” den persoon van Jozef JOOSTEN door middel van een mes eene snede over drie vingers van zijne linkerhand toegebragt en dat deze daardoor eene geringe wond heeft ontvangen”. Het proces verbaal werd opgemaakt door: “de marechaussee gestationeerd te Asten dd 14 Maart 1861. Er was een getuige maar die heeft ‘den vereischten eed NIET afgelegd”. Wie die getuige was staat niet vermeld maar waarschijnlijk was hij niet aanwezig. De officier van justitie vraagt “een gevangenisstraf van twee maanden eenzame opsluiting en acht gulden boete die eventueel onder lijfsdwang verhaalbaar moet zijn”. De rechter vindt een en ander bewezen en gaat met de officier van justitie akkoord en ” veroordeelt denzelve (Hendrik) tot een gevangenisstraf van twee maanden in eenzame opsluiting, een geldboete van acht gulden en in de kosten der procedure geliquideerd op vier Gulden acht en negentig centen verhaalbaar bij lijfsdwang en beveelt dat de pet welke in deze als stuk van overtuiging heeft gediend aan de eigenaar of regthebbende zal worden teruggegeve”. Waar die pet nou ineens vandaan komt is niet duidelijk maar het schijnt de oorzaak van de ruzie te zijn geweest. Moet wel een biezondere pet zijn geweest!! Einde

In het inschrijvingsregister gevangen van de gevangenis in Eindhoven (1814-1922) staat hij vermeld met vader: Johannes en zijn moeder als Elisabeth Dejardijn, dus blijkbaar wist hij niet hoe de achternaam van zijn moeder gespeld moest worden wat niet verwonderlijk is als je ziet hoeveel verschillende manieren haar naam gespeld is. Verder staat vermeld dat hij geboren is in Helden, 54 jaar oud is, in Deurne woont, 1.80 m lang is en van beroep zadelmaker. Hij ziet er als volgt uit: Aangezigt; Lang, kleur: bleek, voorhoofd: lang, neus: gewoon, mond: gewoon, kin: rond, ogen: bruin, wenkbrauwen: bruin, haar: bruin, baard: blond. Als bijzondere tekenen: Mist het rechter oor. Hij begint zijn gevangenisstraf op 26 mei 1861 en die duurt dan tot 25 juli 1861 en omdat dit de tweede keer is dat hij zoiets uithaalt werd hij veroordeeld is tot eenzame opsluiting. Dit kunnen ze blijkbaar niet in Eindhoven want op bevel van de officier van justitie te Eindhoven van 4 juni 1861 wordt hij op 5 juni 1861 overgebracht naar de “Cellulaire gevangenis te Utrecht”.

Rechtzaken======================================================================

Toegangnr: 12.057 Inventarisnr: 56 Gemeente: Maasbree Soort akte: Overlijdensakte Aktenummer: 33 Aangiftedatum: 28-02-1870 Overledene Theodorus Keeren Geslacht: M Overlijdensdatum: 18-02-1870 Leeftijd: 24 Overlijdensplaats: Deurne en Liessel Vader Hendrik Keeren Moeder Gertruida Hendriks Partner Relatie: zoon.

2011-09-03 Overledene Balthazar Hendriks Relatie overledene Hendrina Pubben Vader overledene Pieter Hendriks Moeder overledene Geertruida Snellen Soort registratie overlijdensakte Aktenummer 3 Plaats Deurne en Liessel Datum overlijden 16-01-1817 Periode 1817 Deel Overlijdensregister 1817 Toegangsnr. 50 Inv.nr. 1677

2011-09-03 Overledene Hendrina Pubben Relatie overledene Mathijs Goossens Vader overledene Theodorus Pubben Moeder overledene Maria Margareta Liboth Soort registratie overlijdensakte Aktenummer 1 Diversen bevorens weduwe van Balthazar Hendriks Plaats Deurne en Liessel Datum overlijden 02-01-1862 Periode 1862 Deel Overlijdensregister 1862 Toegangsnr. 50 Inv.nr. 1680

2011-09-03  Bruidegom Mattijs Goossens Geboorteplaats Deurne Vader bruidegom Hendricus Goossens Moeder bruidegom Hendrina Bartels Bruid Hendrina Pubben Geboorteplaats Helden Vader bruid Theodorus Pubben Moeder bruid Maria Margaretha Liboth Soort registratie huwelijksakte Aktenummer 4 Diversen Akte bevat meer informatie Plaats Deurne en Liessel Datum huwelijk 11-04-1818 Periode 1818 Deel Huwelijksregister Deurne en Liessel 1818 Toegangsnr. 50 Inv.nr. 1636 ===============================================================================================

Stamboom 1639 – 2014